Begrenzingen en vrijheid in de schilderijen, tekeningen en films van Daniëlle Davidson

Door Nicole Hermans, Kunsthistoricus en Aica-journaliste Den Haag 19 maart 2016

Daniëlle Davidson kijkt en luistert, vooral dichtbij. Dat doet ze niet om zich te beperken, maar juist om ruimtelijk te kunnen zien, denken, voelen en bewegen in vrijheid. Ze lijkt zich af te vragen: “Waar is de grens? Waar ben ik, waar mijn omgeving ? Wat is waar, en waar is het toch weer anders? Waar is het simpel, waar complex? Waar kan men lachen, waar huilen? Waar doet het er toe? Wat wel, wat niet? Laat ik dat kijken maar registreren, dan komt het ( in) zicht vanzelf. ” 

Om die indrukken te vertalen gebruikt Daniëlle Davidson haar handen, haar potlood, haar pen, haar penseel en pigmenten, haar kennis van hedendaagse media, haar intelligentie en haar hart. Ze werkt graag in de open natuur met die ervaring van weidsheid, maar ze zou de stad met haar culturele mogelijkheden ook niet kunnen missen. Tekenen en schilderen, filmen, maar ook les geven, en kinderen het vak van filmen leren – en terwijl zichzelf bevragen – dat is wat zij dagelijks doet. Laten we haar bespieden: Daniëlle is een goedlachse vrouw, die een aardse stabiliteit en vriendelijke warmte om zich heen uitstraalt. Haar stem houdt de regel niet helemaal op de lijn, want in haar gedachten is ze reeds verder dan haar woorden zeggen. 

Wat een verrassing om te zien dat ze ook nog zo veelzijdig bezig is : kunstenaar, vrouw en moeder van twee kinderen, berg beklimster, reizigster, vele sociale projecten en opdrachten en vooral observeert zij met een aandachtige en nieuwsgierige blik. Haar glimlach verraadt haar relativeringsvermogen. Kortom: “een stille bezige bij”. Haar bescheidenheid siert haar, terwijl ze met een constant doorzettingsvermogen tot creaties komt, die intrigerend tot nadenken aanzetten. Daniëlle Davidson stelt haar kijken en denken beeldend ter discussie en laat hierdoor velen, die durven kijken, dat ook ervaren.

Het is een vreugde om even met haar te verwijlen in haar wereld en haar atelier. Terwijl ze nooit stil zit, staalt ze toch een enorme rust uit. Het belet haar niet om ondertussen creaties en vaardigheden te ontwikkelen, die ze tot spreken wil brengen voor een groter en een geïnteresseerd publiek. En dat lukt haar, omdat ze ook nog het talent heeft om dit beeldend en communicatief te vertalen, vaak ook nog met milde humor. Bekijk bijvoorbeeld haar animatie “de Schaduw van de Stilte”, die ze in 2010 maakte voor de tentoonstelling in de Westergasfabriek van Amsterdam. Tekenend laat ze een vogel met zijn schaduw zo prachtig beeldend bewegen en een weg afleggen tot die in het licht komt (en toch schaduw bewaart), zelfs als die soortgenoten ontmoet. Ze verbindt dit beeldend met mensen, die net als vogels in hun vlucht naar vrijheid schaduw meezeulen op hun weg en dat veroorzaakt een milde glimlach. 

Daniëlle Davidson woont en werkt in Den Haag.

Wat opvalt in haar schilderijen zijn de ruimtelijke lijnen en kleurrijke standpunten die diepte brengen. Als een soort raadsels nodigen ze uit om er dieper in te verdwalen of om rechts of links af te slaan, omdat je benieuwd wordt naar de ruimtes en de voorstellingen erachter of ernaast. En als je dan nog beter kijkt , dan zie je dat Davidson het presteert om helder en inspirerend die verschillende standpunten en inkijken te brengen in dat ene doek, als architectonische, landschappelijke settings, waarbij de mensen in al hun vrijheid, hun kwetsbaarheid, imperfectie en eindigheid toch amusant te kijk staan in die complexe wereld , waar zoveel inkijken en waarheden mogelijk zijn.

De vrijheid, die Daniëlle vaak beleeft in de weidse natuur (zij doet aan alpien klimmen), projecteert ze in haar werk, in de geschilderde anonieme ruimten tot een nieuw fictief landschap. Dat doet ze vanuit vele perspectieven, begrenzingen en afsnijdingen, tegelijk in één doek. Het raadsel blijft.

Wat zit er achter die verre ruimten, die raamsuggesties, balken, gebouwen, doorgangen en poorten, achter die passanten? Lopen of zitten ze, met of zonder schaduw, in het licht of in het donker, dichtbij of ver weg, en hoe voelen zij zich? Ze observeert scherp en geeft die ervaringen met milde humor weer. Haar uitkomst is verrassend : het zijn geschilderde of getekende scènes uit het dagelijkse leven, een soort verhalen in één scène.

Wat ook opvalt is de gelaagde textuur, opgebouwd uit meerdere verflagen, kleuren en pigmenten, die het expressieve lijnenspel intensiveren. Overheersend is het blauwe kleurenpalet. Het doet een extra appèl op de toeschouwer om zelfbeheerst te wandelen in haar schilderijen, en om sterk genoeg te zijn om het raadselachtige doel te vinden, zoals dat zich ook beweegt in het leven.

Is het toeval, dat Daniëlle Davidson reeds op haar 13de jaar dit gedicht schreef:

Leven

Beleven

Geleefd worden

Wat is mijn doel?

Wat wil ik?

 

Ik pak mijn rugzak en ik ga 

Ik ga de regen achterna

Ik zoek het goede in het slechte 

En het kromme in het rechte

Ik ga gewoon mijn eigen weg,

Maar is dit wel echt, 

 

Leven? 

 

Ruimte is bij Daniëlle Davidson in haar werken dan ook een plek van vrijheid, van onbegrensd leven, waar verbindingen van alles met alles kunnen plaatsvinden en waar je een kwinkslag kunt geven aan soms toch wel serieuze zaken. Daar kan je vrij en gevoelsmatig, vaak op heel directe manier je gevoelens in die immense wereld vertalen. “Daar kan je spelen met verf en de mogelijkheden ervan zijn oneindig. Daar kan je ervaren, dat als je ijkpunten wegneemt, je de ruimte kan beroven van het herkenningspunt en je het besef van afmetingen en van ruimte kan verliezen. Daar kan je schalen van grootte veranderen en laten ervaren hoe mensen zich in die ruimte bewegen, zelfs als ze als schimmen aan elkaar voorbijgaan of schaak spelen in die ruimte. Daar kan je werelden op de hak nemen of met humor honoreren, of zelfs gekke dingen vastleggen, daar kan je medeleven betonen vanuit je persoonlijk engagement en hopen dat je doordringt in de ziel van de kijker”, aldus Daniëlle Davidson.

Zij is nog jong en haar kunstwerken tot nu toe voorspellen een nog volwaardiger oeuvre. Haar veelzijdige aanpak is als een bouwwerk, dat groeit, waarbij de genres (animaties, films, video’s, tekeningen en schilderijen) op zich interessant zijn, maar hun wisselwerkingen en invloeden op elkaar ook. Afhankelijk van de situatie kiest zij het medium. “De kritische en directe insteek wil ik verder uitwerken. Ik wil me hierbij niet alleen beperken tot schetsen en video/film maar wil deze directe manier van communiceren ook doorvoeren in mijn schilderen. Ik zoek naar manieren om ook in mijn schilderen en tekenen directer een verhaal te vertellen. En langzaamaan besef ik dat ik sociaal betrokken en maatschappijkritisch werk. Ik wil confrontatie en interactie opzoeken. En daarbij hoop ik, dat mijn technieken en mijn vormgeving dit als vanzelfsprekend uitdrukken. Wat is de wereld boeiend. Op jonge leeftijd las ik Brave New World van Aldous Huxley en toen al intrigeerde mij de invloed van de technologie op het menselijk individu.”, aldus de kunstenares.

Daniëlle Davidson (1981) is beeldend kunstenaar, tekenaar en filmmaker. Ze is opgeleid als kunstenaar aan de Academie Minerva in Groningen en het CCAC in San Francisco. Ze won het Dooyewaard stipendium, waardoor ze een jaar kon werken in Blaricum. Vervolgens heeft ze de MA aan het Dutch Art Insitute (DAI) succesvol afgerond en een opleiding als docent gevolgd. Twee jaar lang heeft zij dagelijks een tekening gemaakt (2011-2013), waarbij zij direct en met veel humor reageerde op de dingen in de maatschappij, die ze tegenkwam. Florian en Eline, die haar gezin als babybubbels kwamen verrijken, zorgden daarna even voor artistieke rust , maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan, en inmiddels is ze weer heel actief bezig op verschillende vlakken.

De spraakmakende documentaire “Make Jewish Babies?” (2008) maakte zij samen met haar zus Evelien. Deze film is meerdere malen uitgezonden door de NPO en draaide ook op vele Europese filmfestivals. Reeds in 2004 ervaarde Daniëlle – dankzij het Dooyewaard Stipendium – wat het is, om als jong iemand (22 jaar) na de kunstacademie ondergedompeld te worden in Blaricum, waar om haar heen alleen mensen woonden, die tweemaal zo oud waren als zijzelf. Zij ontdekte, door alleen in een huisje aldaar te wonen, dat zij veel meer inspiratie en motivatie kreeg om haar kunstwerken te maken, geïnspireerd door de mens in die omgeving en de positieve reactie erop. In 2006 was Daniëlle Davidson betrokken bij een internationaal samenwerkingsprogramma “Art Interventions” in Belgrado (Servië), waar ze met internationale professoren en kunstenaars samenwerkte om te kijken hoe het probleemgebied Majdanpek , een kleine stad in Servië, waar mijnen bestaan sinds 7000 jaar, een ander gezicht te geven. In 2007 is ze betrokken geweest in Khartoum (Sudan) om de documentaire “Passing the wall” te maken als project van het DAI (Dutch Art Institute), waarbij Daniëlle Davidson tien dagen samenwerkte met Nisren Abasher (Sudan) en Jae-min Kim (Korea) in een straatproject, waarbij zij ondermeer het ritme en de schaduw van de mensen in die straat vastlegden. In Sudan zijn dergelijke openbare acties niet toegestaan. Dansen op straat zeker niet, en veelvuldig werd tijdens het werk om de foto- en filmpermit gevraagd. Met diezelfde kunstenaars filmden ze ook een locaal ezelfestival, waarbij ezels beladen worden met allerlei decoraties en deze ezels prijzen kunnen winnen. In 2010 maakte ze een korte film “The shadow of silence”. Hier onderzocht ze de ‘flow’ van die grote stad, met al zijn mogelijkheden en massa mensen, die toch ook hun schaduwen en eenzaamheid uitstraalden.

Daniëlle Davidson observeert en stelt zich vele vragen: Is de omgeving net zo relevant als het individu, dat zich in die omgeving beweegt? Wat betekent de massa voor de identiteit? Of kunnen we toch proberen vanuit verschillende standpunten te kijken en de weg, die we afleggen te vatten in het dichtbij zijn en kijken. Blijft onze weg een raadsel? Weten we waar we heen gaan? Waar is het licht, waar de schaduw? En blijft, wat we bewandelen?

Ieder van ons kijkt anders. Hoe kijken kinderen? Hoe Nederlanders, die nog nooit het land verlaten hebben en hoe vluchtelingen, die vanuit een andere achtergrond hier bijvoorbeeld toch maar gepresteerd hebben om advocaat te zijn, of zelfs burgemeester van Rotterdam? Diversiteit is een kenmerk van onze tijd. En kunnen we andere standpunten en meningen tot de onze maken? Kunnen we eigenlijk wel ver weg kijken en verder kijken dan onze essentiële inzichten, die bij menig mens en kunstenaar ons hele leven kunnen bepalen.

Davidson ziet en registreert dat om inzicht te krijgen.

De directheid waarmee film kan spreken, wil zij vastleggen in haar tekeningen en schilderijen. Daardoor zie je een expressief lijnenspel, een schijnbaar onafgewerkt karakter, een veelheid van scènes in één doek en de reductie van het onderwerp tot zijn essentie. Niet afstandelijk, maar direct betrokken en het liefst wil zij ook de kijker in haar schilderijen laten participeren.

Zo beschouwd, werkt Daniëlle Davidson in de traditie van mensen als Francisco Luciente Y Goya, en van Honoré Daumier. Goya bracht als eerste “de mens” met al zijn gruwelen in beeld en zette zich zo af tegen de overwinnaars, het heldendom en de heersers van zijn tijd en vroeg zich zo, het bestaansrecht in een dergelijke maatschappij, af. Honoré Daumier ging verder en bracht met humor het realistische menselijke bestaan, ook van de gewone man, in beeld in zijn lithografieën, tekeningen en schilderijen en verloste de kunst op die manier van de traditie van het historiestuk. Maar daar waar Honoré Daumier dat deed op een realistische wijze, doet Daniëlle Davidson dat meer hedendaags met fictieve abstractere landschappen van de menselijke komedie, waarbij het kijken vanuit verschillende standpunten ook de nuanceringen en relativeringen als een sociaal kritisch elan in beeld brengt. Wat betekent de massa voor zijn identiteit? Wat de natuur met zijn immense ruimten, wat de stad met zijn ritmes en inkijkjes? Daniëlle Davidson’s vragen over die relaties zijn beeldend, als landkaarten voor “je weg vinden in het leven”. Zoals je in de literatuur een tekst kunt lezen in verschillende lagen: letterlijk concreet, maar ook dieper. Zij probeert als schilder op het platte vlak de illusie te schilderen zoals je jezelf in de omgeving beweegt. Haar schilderijen nemen je mee en je weet niet of je eruit komt. Abstractere en figuratieve elementen, eenvoudige en complexe situaties, in ruimtes over en door elkaar heen, in variërende schalen. En toch blijven die doeken aantrekkelijk helder. Zo eenvoudig , maar ook complex als in het alledaagse leven. “Bewogen bewegen”, noemde Daniëlle Davidson haar streven in 2003 bij haar eindexamenpublicatie.

Haar vrijheid en medeleven raakt.

Nicole Hermans

Kunsthistoricus en Aica-journaliste

Den Haag 19 maart 2016.